Koorpartij-oefening

Koorpartij-Oefening
Ga naar de inhoud
Zingen is twee keer bidden
Vesperae solennes de confessore K.339 (Wolfgang Amadeus Mozart)
Santal Santon-Jeffery: soprano
Marianne Crebassa: mezzosoprano
Julian Behr: tenor
Andreas Wolf: bass
Ensemble Pygmalion
Raphaël Pichon
Oefennummers:
Vesperae Solennes de Confessore (KV 339) van Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)   
De overgang van een leven als wonderkind op tournee naar een vaste baan aan het hof van de aartsbisschop van Salzburg moet enorm groot voor Mozart zijn geweest. De aartsbisschop schijnt een lompe, ongevoelige man te zijn geweest, die niet erg onder de indruk was van Mozarts talent. Eigenlijk gaf hij de voorkeur aan Italiaanse musici, die hij ook beter betaalde. Mozarts belangrijkste taak aan het hof was het schrijven van kerkmuziek, maar de aartsbisschop legde hem daarbij allerlei beperkingen op. Zo bepaalde hij onder andere precies de lengte van de composities, de omvang van het orkest, en wilde hij niet dat teksten herhaald werden. Voor Mozart, met zijn ongebreidelde muzikale fantasie, was het een knellend harnas.
 
Ondanks alle beperkingen schreef Mozart schitterende kerkmuziek in Salzburg, waaronder twee Vespers, de Vesperae de dominica, en de Vesperae solennes de confessore. Gecomponeerd rond 1778. Mozart is dus ongeveer 22 jaar. De composities waren bedoeld om op feestdagen uitgevoerd te worden tijdens de Vesper, de katholieke kerkdienst die dagelijks om zes uur ’s avonds gehouden wordt. Het zijn werken van een ongekende intensiteit. Het lijkt wel of Mozart zich tegen de aartsbisschop verzet door zoveel mogelijk energie in de muziek te stoppen. En zijn frustraties schijnen zich naar buiten te persen in de bijna ademloze opwinding van het werk. Toch hebben beide Vespers een buitengewoon zonnig karakter, en het betoverende “Laudate Dominum” uit de Vesperae solennes de confessore is een van de ontroerendste aria’s die Mozart ooit schreef.
 
Vesperae solennes de confessore, K.V. 339
In 1780 componeerde Mozart in Salzburg de Vesperae solennes de confessore. De titel is niet door Mozart zelf gegeven: "de confessore" duidt op de tekst die gebruikt is en solennes betekent dat het werk instrumentaal begeleid werd. Het complete werk bestaat uit zes onderdelen en kent een uitgebreide bezetting in het orkest. Dat betekent bijna zeker dat het voor een belangrijke feestdag gecomponeerd is. Het is uitgevoerd in de Vesperdienst, die 's avonds om zes uur begon. Dit werk omvat een volledige serie van vijf psalmen en een Magnificat en wordt geteld tot Mozarts meest blijvende werken voor kerkmuziek. De volle bezetting van de psalmen geeft Mozart de gelegenheid een gevarieerd gamma van stijlen te gebruiken, dat gaat van een strenge fugatische toonzetting van Laudate pueri tot het terecht befaamde Laudate Dominum, een stralende sopraanaria met afwisselende koorstukken. Mozart bleef geïnteresseerd in dit werk na zijn vertrek uit Salzburg.
 


 



 


Terug naar de inhoud