Koorpartij-oefening

Koorpartij-Oefening
Ga naar de inhoud
Zingen is twee keer bidden
Via Crucis (Franz Liszt)
Via Crucis Franz Liszt (1811-1886)  
Rachel Platt and Penny Vickers, soprano
Joyce Jarvis, mezzo-soprano
Jeremy White, baritone (Christus)
Patrick Ardagh-Walter, bass (Pilatus)
Wayne Marshall at the organ of St. John-at-Hackney Taverner
Choir conducted by Andrew Parrott
Oefennummers:
Toelichting.

Via crucis (Duits: Die 14 Stationen des Kreuzwegs) is een werk voor gemengd koor, solisten en orgel (dan wel harmonium) of piano van de Oostenrijks-Hongaarse componist Franz Liszt. Het werk is gewijd aan de veertien kruiswegstaties. Het is een van de laatste werken van Liszt.
Liszt begon met de compositie van dit werk terwijl hij in het najaar van 1878 in Rome verbleef en hij voltooide het in februari 1879 in Boedapest. Er zijn drie bronnen voor het werk overgeleverd: handschriften van eerste schetsen, die zich in Weimar bevinden, het handschrift van het gehele werk (in Boedapest) en een kopie hiervan (eveneens in Weimar). In de oorspronkelijke versie was voorzien orgelbegeleiding, later voegde Liszt hier een versie met pianobegeleiding aan toe.
Het werk neemt een bijzondere plaats in in het oeuvre van Liszt vooral omdat het een werk is van grote verstilling. Bijzonder is het werk ook omdat het de grenzen van de tot dan toe gangbare tonaliteit opzoekt. Het werk combineert unisono-zang (Staties I en XIV) met Lutheraanse hymnen (Staties IV en XII) en op Bach geïnspireerde koralen (Statie VI), terwijl een deel van de staties bestaat uit solopartijen voor orgel, dan wel piano. Liszt zelf had de bedoeling om het werk in het Colosseum uit te voeren, dan voorzien van harmonium-begeleiding.
Inleiding
Vexilla Regis, tekst van Venantius Fortunatus
I
Jezus wordt ter dood veroordeeld.
Innocens ergo sum, Mattheus 27:24
II
Jezus neemt het kruis op Zijn schouders.
Eine Baritonstimme zingt Ave Crux, uit de tekst bij de inleiding
III
Jezus valt voor de eerste maal onder het kruis
Mannenkoor zingt Jesus cadit, vrouwenkoor vervolgt met Stabat Mater
IV
Jezus ontmoet Zijn Heilige Moeder.
Orgelsolo
V
Simon van Cyrene helpt Jezus het kruis te dragen.
Orgelsolo
VI
Veronica droogt het aangezicht van Jezus af.
Koraal O Haupt voll Blut und Wunden, tekst Paul Gerhardt, melodie Hans Leo Hassler
VII
Jezus valt voor de tweede maal.
Als statie III
VIII
Jezus troost de wenende vrouwen.
Eine Baritonstimme zing Nolite flere super me, Lucas 23:28
IX
Jezus valt voor de derde maal.
Als statie III
X
Jezus wordt van Zijn klederen beroofd.
Orgelsolo
XI
Jezus wordt aan het kruis genageld.
Mannenkoor zingt Crucifige, kruisigt hem
XII
Jezus sterft aan het kruis.
Eine Baritonstimme zingt Eli, Eli, In manus tuas, Consummatum est (kruiswoorden) en het koor het koraal O Traurigkeit, tekst Johann Rist
XIII
Jezus wordt van het kruis afgenomen
Orgelsolo
XIV
Jezus wordt in het graf gelegd.
Deels meerstemmige variatie op Vexilla Regis uit de inleiding
FRANZ LISZT (1811-1886)
 
Liszt 1eefde midden in de 19e eeuw, een bewogen tijdvak van revoluties, technische en economische vooruitgang . Een eeuw van sociale onrust, maar ook van grote innerlijke onrust. Dit uitte zich bij kunstenaars in de romantische beweging.
De Hongaars componist en pianist geldt als een van de grootste pianovirtuozen aller tijden. Hij was tevens een succesvol en vooraanstaand pianoleraar en daarnaast een groot muziekhervormer en vernieuwer.
Franz Liszt werd op 22 oktober 1811 geboren aan het hof van prins Nicolaas Il Esterházy in Raiding, in het toenmalige koninkrijk Hongarije. Hij was het enige kind van Adam Liszt, en Maria Anna Lager.
Op zesjarige leeftijd al bleek zijn grote muzikale begaafdheid. Een jaar later kon hij lezen en schrijven, zowel brieven als muziek. Op negenjarige leeftijd gaf hij zijn eerste concert in Sopron, dat een groot succes werd. Kort hierna nam Adam, die zijn zoon het pianospelen bijbracht, hem mee naar het Esterházy-paleis Eisenstadt, om een tweede concert te organiseren voor prins Nicolaas Il Esterházy. Nog aan het einde van het jaar werd in Pressburg een concert voor Hongaarse edelen georganiseerd. Ook dit concert was een enorm succes.
In Wenen heeft Liszt nog een korte tijd onderricht in compositie gehad van Antonio Salieri, zij het op vrijwillige basis.
Een van zijn laatste concerten in Wenen was een solo-recital op 13 april 1823 waarvoor Ludwig van Beethoven uitgenodigd werd.
Ofschoon hij destijds al stokdoof was, zou Beethoven voor deze gelegenheid een thema hebben gecomponeerd waarop de jonge Franz kon improviseren. Het verhaal gaat dat Beethoven hem na afloop van het concert op het voorhoofd kuste!
In september 1823 verhuisde de familie naar Parijs zodat Liszt daar verder kon studeren . Hij werd echter niet tot het conservatorium in Parijs toegelaten op grond van het feit dat hij buitenlander was. Het vermoeden bestaat dat de oprichter en directeur van het Parijse conservatorium, Luigi Cherubini,zelf een Italiaan, een hekel had aan wonderkinderen .Wel heeft hij buiten het conservatorium om, nog theorieles van Anton Reicha en Ferdinando Paër gekregen. Verder muzikaal onderricht heeft Liszt niet gehad. Als pianist is Liszt daarom ook voor een groot deel autodidact.
Op 28 augustus 1827 kwam zijn vader, aan wie hij zo veel te danken had, ten gevolge van buiktyfus te overlijden. Voor de jonge Liszt was dit een enorme klap. Ook zijn mislukte relatie met een van zijn pupillen, Caroline de Saint-Cricq, maakte het er allemaal niet beter op. Al spoedig maakten depressies zich meester van hem. Gelijkertijd begon hij de interesse in de muziek te verliezen. Naast een zenuwinzinking werd hij ernstig ziek, maar hij herstelde hiervan. In deze tijd begon hij zich te verdiepen in literatuur en religie, hetgeen zijn composities in latere tijd diepgaand beïnvloed heeft. Bij het uitbreken van de Franse Revolutie van 1830 ontstond een kentering.Vol overgave stortte Liszt zich weer op de muziek, als was hij door het gebulder van de kanonnen wakker geschud.
Tussen 1830 en 1832 ontmoette hij onder andere Hector Berlioz, Frédéric Chopin en Niccolè Paganini die grote invloed hadden op Liszts leven als musicus. Daarnaast ontmoette hij schrijvers, filosofen en andere intellectuelen, onder wie Victor Hugo.
 
Van 1833 tot 1844 leefde Liszt samen met schrijfster Marie Catherine Sophie de Flavigny, gravin d'Agoult, meer bekend onder haar pseudoniem "Daniel Stern". Zij schonk hem twee dochters, Blandine en Cosima, en een zoon,Daniël,die op zeer jonge leeftijd overleed.
Dochter Blandine,Liszts eerste kind trouwde later in een vooraanstaand Frans geslacht;dochter Cosima trouwde later met Richard Wagner. Naast liefde bood deze relatie Liszt ook financiële zekerheid en een vaste verblijfplaats. Ook haar vele connecties zullen Liszt bijzonder van pas zijn gekomen. Aan de relatie kwam echter in 1844 een einde, onder andere vanwege zijn vaak langdurige afwezigheid en het openlijk flirten met andere vrouwen . In deze periode componeerde hij zijn befaamde Études d'Exécution Transcendante.
 
In 1847 raakte hij tijdens een concertreis in Rusland bevriend met prinses Carolyne zu Sayn­ Wittgenstein. Van een huwelijk is het echter niet gekomen, omdat de katholieke kerk de ontbinding van het huwelijk tussen prinses Carolyne en haar echtgenoot,prins Nicholas zu Sayn-Wittgenste in verbood.
In Rome ontving Liszt op één dag (30 juli 1865) alle vier de lagere priesterwijdingen . Het is mogelijk dat Pius IX zelf een hand had in een dispensatie . Nadat hij de tonsuur (kruinschering) ontvangen had schreef hij zijn moeder dat hij subdiaken wou blijven of misschien diaken wou worden, maar dat hij niet van plan was priester te worden. Het bleef echter bij subdiaken. Hij was daarmee wel clericus geworden.
Daarom wordt hij vaak geportretteerd in kleren die priesters droegen. Hij leek dus priester, maar was het niet. Het verschafte hem enkel de titel van "Abbé".
 
Tot in de laatste dagen van zijn leven reisde Liszt door Europa. Vlak voor zijn overlijden werd hij, na een zeer succesvolle concerttournee door Engeland en Frankrijk, verkouden, hetgeen spoedig overging in een longontsteking. Hij zou hiervan niet meer herstellen. Na dagen van ernstige ziekte overleed hij op 31juli 1886, in het bijzijn van enkele van zijn pupillen, op 74-jarige leeftijd te Bayreuth. Hij werd daar op 3 augustus begraven

bron: wikipedia
Terug naar de inhoud